Nijmegen (1943-1945)

 (©!!!)

9. Winter '44-'45

Er is geen post en telefoon. Het enige contact met familie en vrienden in het bevrijde deel van  Nederland loopt via militairen die de groeten komen brengen.

Zo brengt Peter de groeten van familie in Roosendaal, waarbij hij ingekwartierd is geweest. Hij is een Schotse student. Hij blijft nadien regelmatig zijn vrije avond bij ons door brengen. Zo komen ook drie Canadezen groeten van vrienden brengen. Het zijn forse mannen, waarvan er één heel erg scheel kijkt.

De sneeuw blijft liggen. Kerstmis nadert. Engelse soldaten organiseren een kerstfeest voor de kleuters die nog in onze wijk verblijven. Ik breng zusje J. naar een lokaal in de parochieschool, waar militairen zijn gelegerd. De kleuters schuiven aan op banken aan tafels, waar lekkernijen op staan. Het lokaal is helder verlicht.

In de villa tegenover het ziekenhuis is het geallieerde hoofdkwartier. Er zijn mensen die zeggen veldmaarschalk Montgomery en prins Bernard gezien te hebben.

Het offensief van Von Rundstedt is begonnen. De Duitsers slaan terug in de Belgische Ardennen. Ook bij ons stijgt de spanning. Ik ben heel bang, dat de Duitsers terugkomen. Aan bommen en granaten ben ik daarentegen gewend geraakt. Hoop wel, als ik getroffen word, meteen dood te zijn.
 

31 december 1944

We hebben Peter uitgenodigd voor oud en nieuw. In de loop van de avond  staan de drie Canadezen onverwacht bij de voordeur. Als ze bij ons komen zitten, wordt de sfeer wat ijzig.. De Schot en de Canadezen passen niet erg bij elkaar.
 

Januari 1945

De Duitsers worden in de Ardennen teruggeslagen. We hebben nu ook minder of geen last meer van bommen en granaten.

Met vriendinnetje N. loop ik regelmatig naar een leraar van school. Daar komen meer leerlingen. We krijgen les in zijn studeerkamer met het schrift op schoot of op de vensterbank.
 

7 februari 1945

We verlaten de kelder. Zus N. is al eerder boven gaan slapen. De slaapkamers boven worden schoongemaakt, de matrassen gaan naar boven, de bedden worden opgemaakt. Juist deze nacht worden we 's morgens vroeg wakker van het gebulder van kanonnen. Nijmegen staat vol met kanonnen. Achter de tuinen van onze buurt staat ook een kanon, dat we "dikke Bertha" noemen.

Vriendinnetje N. en ik gaan toch naar het huis van de leraar, maar worden teruggestuurd. We lopen langs kanonnen, waar we soldaten met zwarte gezichten van de kruitdamp zien, die ook duidelijk te ruiken is. Het offensief op Kleef over de Duitse grens is begonnen. De vele kanonnen blijven onafgebroken schieten tot het eind van de middag. Iedereen is doof. Het helse geluid was letterlijk oorverdovend.

De tanktroepen van de Polar bears met zwarte baretten zijn terug in Nijmegen. Captain M. komt langs en laat zijn browning liggen. Zijn oppasser komt die later ophalen.  


Corry Tolhuizen
1. Het laatste jaar
2. Bombardement
3. Zomer '44
4. Dolle dinsdag
5. Bevrijding
6. Slag om Nijmegen
7. Frontstad
8. Alledaags leven
9. Winter '44-'45
10. Het front verschuift
11. Mei '45
12. Herstel
naar deel tien
 home    :     "gewone mensen"