Nijmegen (1943-1945)

 (©!!!)

10. Het front verschuift

De buurman komt terug en vraagt ons of we iemand weten, die het huis schoon kan maken, voordat zijn vrouw en kleine kinderen terugkomen uit Brabant. Mijn oudere zussen en ik zullen het doen. Het is een vreselijke bende, wat te verwachten was van ingekwartierde soldaten. Dan laat ik ook nog een vaas met vieze inhoud stuk vallen.

De évacués komen druppelsgewijs terug in de stad. De Ursulinen kunnen de onvolledige klassen halve dagen lesgeven in kamers van de paters in het Canisiuscollege aan de Berg en Dalseweg. Er is geen openbaar vervoer meer. We lopen.

Er staan voedselpakketten klaar voor het westen van het land. Nijmegen adopteert Haarlem. (Later krijgen wij glas van Haarlem voor de kapotte ruiten. Men zegt, dat aan het einde van de oorlog slechts 10% van de huizen in Nijmegen geen schade heeft. In het raam van vaders studeerkamertje zit nog jaren een ruit met een bruine vlek. Je mag een gegeven paard niet in de bek kijken.)

Op de plaats van de gesneuvelde ruit van het erkerraam is een plaat hardboard aangebracht. In het midden is een klein ruitje van een restant van het glas gezet. Op een stormachtige dag zijn zusje J. en ik even alleen thuis. Dan waait de plaat naar buiten. Ik ga naar de voortuin met hamer en spijkers, maar het ding blijft onder mijn handen golven. Zusje J. staat voor het zijraam te huilen. Ik moet een paar keer roepen, dat ze binnen moet blijven. Er waait een onderdeel van de schoorsteen op het grindpad. Maar dan daalt er ook een engel uit de hemel neer. Overbuurman M. heeft mij zien tobben. Hij steekt de straat over met een timmerkist onder zijn arm. Dan is de klus snel geklaard. 

Er wordt gedwongen inwoning geregeld voor de daklozen. Wij zijn met zes personen, krijgen daarom geen inwonenden. De buren hebben maar twee kinderen en krijgen daarom een ouder echtpaar aangewezen (met gebruik van keuken.)

Moeder heeft doorgegeven, dat zij onze wieg wil geven aan een getroffen gezin. Een jong stel, dat weldra een baby zal krijgen, haalt de wieg op. Zij hebben geen huis meer en wonen nu in een schuilkelder van een bedrijf. Een baby krijgen in een kelder!  


Corry Tolhuizen
1. Het laatste jaar
2. Bombardement
3. Zomer '44
4. Dolle dinsdag
5. Bevrijding
6. Slag om Nijmegen
7. Frontstad
8. Alledaags leven
9. Winter '44-'45
10. Het front verschuift
11. Mei '45
12. Herstel
naar deel elf
 home    :     "gewone mensen"